Stichting Willibrordusorgel
https://willibrordusorgel.nl/category/agenda/agenda-verleden/page/11/?query-a9c5aa38-page=1
Geplaatst op: 3 augustus 2026


Henny Heikens – Jelte Althuis

Henny Heikens
Aanvang: 2023-05-15 20:15:00 u. 
Einde: 2023-05-15 21:30:00 u.

 

Programma

Johann Sebastian Bach (1685-1750) Pièce d’orgue (Fantasia in G majeur) BWV 572
– très vitement (A)
– gravement (B)
– lentement (C)
Hans Koolmees (1955) Through the looking glass 275 VWB (2021)
Pièce d’orgue BWV 572 ‘van achter naar voren’
delen: C-B-C-A
Sergei Rachmaninov (1873 – 1943) Vocalise
Daan Manneke (1939) Organum Florium (2021)
Claude Debussy (1862 – 1918)
arr. voor orgel Léon Roques (1839-1923)
Arabesque No. I voor piano solo
César Franck (1822 – 1890)
arr. Jelte Althuis
Prélude, fugue, variation
Billie Holiday (1915-1959)
Eric Dolphy (1928-1964)              
Raaf Hekkema (geb. 1968)          
arr. Jelte Althuis
God bless the child

Uitvoerenden

Henny Heikens is sinds 1994 cantor-organist van de Oude Kerk te Rijswijk. Hij is hier vaste bespeler van het Reichner-orgel uit 1786 dat enkele jaren geleden op zijn initiatief werd uitgebreid met een vrij pedaal. Hij studeerde orgel bij o.a. Piet Kee en Jacques van Oortmerssen (diploma Uitvoerend Musicus), koordirectie en kerkmuziek aan het Sweelinck Conservatorium Amsterdam. Aan dit zelfde instituut (thans Conservatorium van Amsterdam) is hij als docent verbonden voor de vakken mensurale notatie (notatie oude muziek), harmonie aan de piano en protestantse kerkmuziek.

Henny Heikens is tevens beiaardier (UM-diploma beiaard aan de Nederlandse Beiaardschool te Amersfoort) en was 25 jaar lang de bespeler van de beiaard van de St. Agathakerk te Beverwijk. Hij treedt regelmatig op als organist, zowel solistisch als in ensembleverband. Samen met de basklarinettist Jelte Althuis vormt hij een duo met wie hij optrad in o.a. Het Orgelpark en de Haarlemse Philharmonie. Henny Heikens is ook als componist actief en schreef diverse koor- en orgelwerken.

Jelte Althuis is een gepassioneerd musicus. Dertig jaar geleden omarmde hij de basklarinet en sindsdien is hij een warm pleitbezorger van dit instrument. Sinds 1994 is Jelte lid van het Calefax Rietkwintet, waar hij naast basklarinet ook bassethoorn en contrabasklarinet speelt. Naast uitvoerend musicus is Jelte arrangeur van Calefax. Hij coacht conservatorium studenten in binnen- en buitenland en gevorderde amateur musici. Zijn streven is altijd om het verhaal van de muziek zo goed mogelijk te vertellen.

Gegevens concert

Aanvang: maandag 15 mei 2023, 20:15 uur
Locatie: Kathedrale Basiliek St.-Bavo, Haarlem, Leidsevaart 146, 2014 HE Haarlem. Ingang aan het Bisschop Bottemanneplein
Toegang: gratis, vrijwillige bijdrage. Kosten € 10-15,– per persoon. Donaties: zie donateurspagina

Sponsoren 2023

Sponsoren 2023

maandag 3 augustus 2026, 00:26 maandag 3 augustus 2026, 00:26


Erik Jan Eradus

Erik-Jan Eradus
Aanvang: 2023-05-15 20:15:00 u. 
Einde: 2023-05-15 21:30:00 u.

 

Programma

Joseph Jongen (1873-1953) Sonata eroïca op. 94 (1930)  
Olivier Messiaen (1908-1992) Uit l’Ascension (1933):
Prière du Christ montant vers son père
Naji Hakim (1955) Le Tombeau d’Olivier Messiaen:
– Par ma vie, par ma mort
– Je rends grâce à mon Dieu
– Christ avec le Saint-Esprit, dans la gloire du Père

Organist

Erik Jan Eradus is actief als organist in Haarlem en Amsterdam. Meer informatie is te vinden op zijn webpagina.

Toelichting op het programma

Joseph Jongen werd geboren in Luik in 1873, dit jaar 150 jaar geleden. Naast dat hij een begaafd pianist en organist was kreeg hij ook erkenning als componist. Zo won hij in 1897 de ‘Prix de Rome’. Als pedagoog leidde zijn carrière hem naar plaatsen als Berlijn, Bayreuth, München en Parijs.

De Sonata eroïca is geschreven in 1930 en is zijn grootste werk voor het orgel. Het is geen Sonate in de klassieke vorm. Na een heroïsche opening die éénstemmig begint volgt er een diminuendo die overgaat in het hoofdthema, als een koraalmelodie. Daarop volgen enkele variaties in kleurrijke registraties. Het eerste motief van het thema wordt gecomprimeerd in een opbouw met een dramatisch crescendo. Een stille meditatie onderbreek het geweld met een rijk geharmoniseerd hoofdthema, gespeeld op een solofluit. Ook dit gedeelte bouwt langzaam weer op tot een hoogtepunt waarna een vijfstemmigs fugato zich ontwikkeld. Het werk eindigt in vuurwerk op een toccata-achtige wijze.

Olivier Messiaen was wellicht de grootste Franse componist van de 20e eeuw. Als organist verbeelde hij breedsprakige titels in omvangrijke cycli. Zijn cyclus “L’Ascension’ [Hemelvaart] is daar één van. Het laatste deel daaruit verbeeld de Hemelvaart van de Heer (‘Gebed van Christus die opstijgt naar zijn Vader’). Het werk opent zeer verstild maar bouwt op in volle glorie, alsof de hemel open gaat.

Naji Hakim werd geboren in Beirut. Hij studeerde in Parijs orgel bij Jean Langlais. Als organist volgde hij Messiaen op in de St. Trinité in Parijs. Le Tombeau is een hommage aan Messiaen.  Maar daarbij verloochent Hakim zijn Libanese achtergrond niet. In Par ma vie  (‘Dat Christus ook nu grootgemaakt zal worden in mijn lichaam, of het nu door het leven is of door de dood.’) gebruikt Hakim twee thema’s, een Russische volksmelodie die Messiaen zijn gehele leven achtervolgde en het gregoriaanse Ego dormivi uit de Paasvespers. De ontwikkeling van het stuk bestaat uit afwisselende variaties van beide thema’s. Je rends grâce (‘Ik dank mijn God, telkens wanneer ik aan u denk, in elk gebed van mij voor u bid ik altijd met blijdschap.’)heeft drie variaties op een populaire Christelijke melodie uit het Midden-Oosten. Christ avec le Saint-Esprit (‘Tot lof van de heerlijkheid van Zijn genade, waarmee Hij ons begenadigd heeft’) heeft een rondo vorm met variaties. Er is gebruik gemaakt van diverse thema’s uit werken van Messiaen zelf.

Gegevens concert

Aanvang: maandag 8 mei 2023, 20:15 uur
Locatie: Kathedrale Basiliek St.-Bavo, Haarlem, Leidsevaart 146, 2014 HE Haarlem. Ingang aan het Bisschop Bottemanneplein
Toegang: gratis, vrijwillige bijdrage. Kosten € 10-15,– per persoon. Donaties: zie donateurspagina

Sponsoren 2023

Sponsoren 2023

maandag 3 augustus 2026, 00:26 maandag 3 augustus 2026, 00:26


Ton van Eck – Anne van Eck – Sorelle

Ton van Eck
Aanvang: 2023-05-15 20:15:00 u. 
Einde: 2023-05-15 21:30:00 u.

 

Programma

Jean Langlais (1907 – 1991) Incantation pour un jour Saint, op. 64
Orgel
Felix Mendelssohn-Bartholdy (1809-1847) Dominica II. post Pascha, op. 39, nr. 3                      
1. Surrexit pastor bonus
2. Tulerunt Dominum meum
3. Surrexit Christus spes mea!
4. Surrexit Christus spes mea
Vocaal ensemble en orgel
Josef Gabriel Rheinberger (1839  1901) Uit: Sechs Stücke op. 150: Thema mit Veränderungen
Viool en orgel
Jean Langlais (1907 – 1991) Hymne d’actions de grâce : Te Deum
Orgel
Francis Poulenc (1899 – 1963) Litanies à la Vierge noire
Vocaal ensemble en orgel
Marie Prestat (1862 – 1933) Jeanne d’Arc baisant le crucifix
Viool en orgel
Marcel Dupré (1886 – 1971) Uit: Vêpres du commun des fètes de la Sainte Vierge, op. 18 : Ave maris stella

1. Ave maris stella (orgel)
2. Sumens illud ave (gezongen)
3. Solve vincula reis (orgel)
4. Monstra te esse matrem (gezongen)
5. Virgo singularis (orgel, als een versierd koraal in de stijl van J.S. Bach)
6. Vitam praesta puram (gezongen)
7. Sit laus Deo Patri (orgel)
Orgel en vocaal ensemble (afwiselend)

Sigfrid Karg-Elert (1877 – 1933) Fuge, Kanzone und Epilog, op. 85, nr. 3 voor 4 zangstemmen, viool en orgel
Vocaal ensemble, viool en orgel

Uitvoerenden

Ton van Eck, orgel, Anne van Eck, viool, vocaal dameskwartet Sorelle, bestaande uit Lisanne Bosman, Emma Algie, Geanne Bakker en Caroline Heller

Ton van Eck is titulair organist van de kathedrale basiliek St.-Bavo, Haarlem. Uitgebreidere informatie over hem is te vinden op deze website of op de website van het College van Orgel-adviseurs Nederland.

Informatie over Anne van Eck, violiste.

Vocaal kwartet Sorelle is een enthousiast kwartet bestaande uit zangeressen die begonnen zijn op de koorschool in Haarlem en daarna hun krachten zijn gaan bundelen.

Toelichting op het programma

Het programma van vanavond schenkt aandacht aan drie thema’s: Pasen, het begin van de meimaand als Mariamaand en de viering van het lustrum van de kerkwijding van onze kathedraal op 2 mei 1898, 125 jaar geleden.

De Incantation pour un jour Saint van Jean Langlais is gebaseerd op gregoriaanse thema’s uit de liturgie van de Paaswake en klinkt in deze kerk dan ook jaarlijks als naspel in de liturgie van de Paasnacht. Na de drievoudige aanhef ‘Lumen Christi’, steeds een halve toon hoger, volgen verschillende episodes die zijn gebaseerd op de melodieën van de litanie van alle heiligen, hier en daar onderbroken door het ‘Lumen Christi’ dat aan het slot met het volle orgel overrompelend en juichend klinkt.

Felix Mendelssohn-Bartholdy componeerde de drie motetten op. 39 na een bezoek aan de kerk Trinità dei monti (de Drievuldigheid van de bergen) bovenaan de Spaanse trappen in Rome. Hij hoorde daar een koor van zusters die buiten het zichtveld van de kerkbezoekers op fraaie wijze zongen en was daar zo van onder de indruk dat hij, hoewel Lutheraan (en stammend uit een Joodse familie) deze drie motetten voor hun stemmen componeerde. De tekst van ‘Surrexit pastor bonus’ heeft betrekking op de toenmalige liturgie van de tweede zondag na Pasen (thans de vierde zondag van Pasen op 30 april) waarin Christus als Goede Herder centraal staat.

Josef Gabriel Rheinberger was een van de productiefste Duitse componisten uit de 19de eeuw, maar werd qua bekendheid overvleugeld door de zo’n 15 jaar jongere Johannes Brahms. Uit “zes stukken voor viool en orgel hoort u vanavond het misschien wel bekendste. Het melancholieke en ontroerende thema wordt gevolgd door een groot aantal variaties waarin viool en orgel gelijkwaardige partners zijn.

Centraal in dit programma staat het feestelijke ‘Te Deum’ van Jean Langlais, ook een van zijn bekendste werken en gebouwd op motieven van deze lofzang waarvan, sinds de laatste restauratie, de volledige tekst het interieur van deze 125-jarige kathedraal siert.

Francis Poulenc schreef zijn ontroerend mooie ‘Litanies à la Vierge Noire’, kort na zijn terugkeer tot de Rooms-katholieke kerk van zijn jeugd en na een bezoek aan de zwarte madonna van Rocamadour. Kort tevoren had hij de dood vernomen van zijn vriend Pierre-Octave Ferroud, eveneens componist. Het zou het eerste van een aantal religieuze composities worden.

Marie Prestat was, evenals Joséphine Boulay, leerlinge voor orgel van César Franck aan het nationale conservatorium van Parijs bij wie ze in 1890 een ‘Premier Prix’ behaalde. Ze verwierf nog vier andere Eerste Prijzen aan dit instituut waarmee ze de eerste vrouw was met vijf ‘Premier Prix’ op haar naam. Na haar afstuderen werd ze orgel- en pianolerares aan de Schola Cantorum in Parijs en na 1912 was ze werkzaam als organist bij de Concerts Spirituels van de Sorbonne.

Op 15 augustus 1920 verving Marcel Dupré Louis Vierne tijdens de vespers in de Notre-Dame van Parijs. Hij improviseerde daar 20 versetten, waaronder 4 versetten voor het ‘Ave maris stella’. In de kerk zat de Engelse Claude Johnson, de toenmalige directeur van Rolls Royce, die, toen hij hoorde dat het om improvisaties ging, Dupré verzocht om deze, tegen een vorstelijke beloning, te noteren. Ook nam hij de kosten van de uitgave voor zijn rekening.

De Duitse componist Sigfrid Karg Elert schreef, hoewel Lutheraan evenals Mendelssohn, zeker in het latere deel van zijn loopbaan, een aantal orgelwerken gebaseerd op gregoriaanse motieven. Zijn stijl balanceert tussen de contrapuntiek van Max Reger en het impressionisme van Claude Debussy. Dat is ook het geval in dit drieluik dat is gebaseerd op de gregoriaanse aanhef van het Credo, met een fuga als opening, een canzone voor viool en orgel als middendeel en een etherische en ingetogen afsluiting door de zangstemmen met een voor zijn tijd modern slotakkoord.

Gegevens concert

Aanvang: maandag 1 mei 2023, 20:15 uur
Locatie: Kathedrale Basiliek St.-Bavo, Haarlem, Leidsevaart 146, 2014 HE Haarlem. Ingang aan het Bisschop Bottemanneplein
Toegang: gratis, vrijwillige bijdrage. Kosten € 10-15,– per persoon. Donaties: zie donateurspagina

Sponsoren 2023

Sponsoren 2023

Wim Does

Wim Does
Aanvang: 2023-05-15 20:15:00 u. 
Einde: 2023-05-15 21:30:00 u.

 

Maurice Duruflé (1902-1986) Prelude (Uit Suite pour Orgue Op. 5)
César Franck (1822-1890) Prière, Op. 20.
Theodore Dubois (1837-1924) Fiat lux (Uit douze Pièces Nouvelles)
In Paradisum (Uit douze Pièces Nouvelles)
Marche Triomphale (Uit douze Pièces Nouvelles)
César Franck (1822-1890 Fantasie en Ut majeur, Op. 16 (Versie lil 1868)
Samuel-Alexandre Rousseau (1853-1904) Prière
Louis Vieme (1870-1937) Final (Uit Symfonie nr. 1, Op.14)

Organist

Uitgebreide informatie over de organist is de vinden op zijn website Wensmusic.nl

Toelichting op het programma

Maurice Duruflé droeg de driedelige Suite opus 5, die hij in 1933 componeerde, op aan Paul Dukas, zijn compositieleraar. De Prélude in Es mineur stijgt met sombere kracht op uit de Stygische diepten, voordat hij overgaat in een peinzende doorwerking.

Vanaf 1840 was Frangois Benoist de orgelleraar van César Franck. Uit dankbaarheid droeg Franck zijn Prière (gebed) opus 20 aan hem op. Het Prière is één van de meest bijzondere stukken die ooit voor orgel zijn geschreven. Franck bevrijdde zich hier van de dominerende invloed van de stijl die gangbaar was bij de meeste tijdgenoten, die niet in staat waren iets anders in een orgel te zien dan een gewoon fanfare-instrument. In dit werk stak hij al zijn scheppend vermogen en zuiverheid. In november 1864 gaf hij de eerste uitvoering ervan in de Sainte-Clotilde, voor een publiek dat niet gewend was aan zulke verheven klanken. Franck bereikte in zijn Prière wat onmogelijk leek in een stuk voor een solo-instrument: hij heeft in het stuk een constant hoog niveau van compositie en van muzikale interesse gehandhaafd. Dit gedurende bijna een kwartier terwijl hij tegelijkertijd een gewijde sfeer creëerde.

Op amper 34-jarige leeftijd werd Theodore Dubois aangesteld als leraar harmonie aan het Conservatorium van Parijs. Hoewel veel van zijn composities uit het klassieke repertoire zijn verdwenen, blijven zijn 12 Pièces Nouvelles voor orgel prominent aanwezig. Hoewel Dubois een belangrijk docent was, bekleedde hij ook de respectabele functie van organist van de Madeleine. Zijn 12 Pièces Nouvelles variëren in karakter en zorgen voor afwisseling binnen het repertoire.

Van dit werk bestaan twee eerdere versies. Franck begon in oktober 1863 aan deze versie, die de bundel Six Pièces zou openen. Met de Six pièces komt Franck met een verzameling van orgelstukken die los staan van de kerkelijke liturgie. Het eerste deel, Poco lento, is geschreven in een driedelige vorm ABA’. A heeft zinnen van twee maten elk, die geraffineerd gebruik maken van gesyncopeerde ritmiek en mineuruitwijkingen in de majeur context. B heeft het karakter van een koraal, zet in op het pedaal waarna de handen het in de lage regionen van het klavier in canon imiteren. De canon wordt herhaald, met als toevoegingen lyrische melodie in de hoge regionen. Na een korte modulatie verschijnt A’, in een aanzienlijk sterkere klank dan in A. Door de voeten gespeelde lange tonen op dominant en tonDank voor uw vrijwillige gave naar draagkracht (richtbedrag 10,-) en tegelijk melancholieke melodie wordt tweemaal gepresenteerd, eerst in f-mineur en vervolgens in c-mineur. Het thema gaat vergezeld van een soepel verlopende tegenmelodie. In een snel van toonsoort wisselende doorwerking worden thema en tegenmelodie tegen elkaar uitgespeeld. Het thema keert terug in de oorspronkelijke toonsoort C majeur en vormt de overgang naar het Adagio in 3/8 maat. Het slotdeel is harmonisch ongecompliceerd in vergelijking met het Poco Allegretto. Ook ontbreken de polyfone effecten uit de eerste twee delen. De Fantaisie eindigt in een weldadige of misschien wel hemelse rust.

Samuel Rousseau was de muzikaal begaafde zoon van een belangrijke harmoniumbouwer in Noord-Frankrijk. Na het winnen van zowel de premier prix d’orgue aan het conservatorium van Parijs in 1877 als de Prix de Rome in 1878, werd hij kapelmeester van Sainte-Clotilde. Zijn Prière, uit Douze pièces pourorgue, is gepubliceerd in 1892 en opgedragen aan Eugène Gigout. Het werk valt op door zijn dynamische en harmonische vloeiende taal, die doet denken aan Franck, wiens spel Rousseau natuurlijk elke week hoorde. Er zijn ook directe verwijzingen naar Franckistische modellen te vinden, zoals het veelvuldige gebruik van drie-tegen-twee ritmes of het uitgeschreven rallentando dat aan de reprise voorafgaat.

Vierne componeerde deze symfonie in het jaar 1899 vóór zijn aanstelling als organist bij Notre-Dame, daarom is de inspiratie voor dit werk nog steeds afkomstig van het orgel van Saint-Sulpice. De Final is een van Vierne’s bekendste orgelstukken geworden. Het krachtige hoofdthema wordt geïntroduceerd in het pedaal, begeleid door een indruk van triomfantelijk luiden van klokken. In een canon tussen de sopraan en bas wordt een tweede, lyrisch thema geïntroduceerd. Tijdens de volgende ontwikkelingssectie verschijnen de onderscheidende motieven van het hoofdthema opnieuw in verschillende stemmen. Nadat de geluidssterkte is gedaald tot een pianissimo, leidt een geleidelijk crescendo tot de reprise van het hoofdthema, vergezeld van een accelerando. In de climax van deze beweging wordt het tweede thema gepresenteerd in briljante kleuren vergezeld door het gemarkeerde ritme van het hoofdthema in het pedaal. De eerste symfonie bevestigt het meesterschap van de 29-jarige Vierne.

Gegevens concert

Aanvang: maandag 16 mei 2022, 20:15 uur
Locatie: Kathedrale Basiliek St.-Bavo, Haarlem, Leidsevaart 146, 2014 HE Haarlem. Ingang aan het Bisschop Bottemanneplein
Toegang: gratis, vrijwillige bijdrage. Kosten € 10-15,– per persoon. Donaties: zie donateurspagina

maandag 3 augustus 2026, 00:26 maandag 3 augustus 2026, 00:26


Ton van Eck

Ton van Eck
Aanvang: 2023-05-15 20:15:00 u. 
Einde: 2023-05-15 21:30:00 u.

 

Programma

Samuel-Alexandre Rousseau (1853-1904) Fantaisie, op. 73 (1889) (a la mémoire de mon cher maitre César Franck)
César Franck (1822-1890) Prélude, Fugue et Variation, op. 18
Joséphine Boulay (1869-1925) Prélude (uit: Trois Pièces)
César Franck (1822-1890) Grande Pièce Symphonique, op. 17

Organist

Ton van Eck is titulair organist van de kathedrale basiliek St.-Bavo, Haarlem. Uitgebreidere informatie over hem is te vinden op deze website of op de website van het College van Orgel-adviseurs Nederland.

Toelichting op het programma

Samuel-Alexandre Rousseau ging op 17-jarige leeftijd naar het Parijse conservatorium en behaalde daar niet alleen in 1877 een eerste prijs voor orgel in de klas van César Franck maar ook de Grand Prix de Rome in het jaar daarop. Na een verblijf van één jaar in Rome, werd hij bij terugkeer in Parijs koordirigent in de Ste.-Clotilde, waar hij voordien al organiste accompagnateur was geweest. Hij dirigeerde het koor gedurende 10 jaar en heeft al die jaren de improvisaties van zijn oud-leraar kunnen beluisteren. Samuel Rousseau maakte voornamelijk naam als componist van opera’s, maar schreef ook kerkmuziek en orgelwerken. In die laatste horen we enerzijds een sterke muzikale persoonlijkheid, maar ook de invloed van zijn leermeester. De vandaag gespeelde Fantaisie schreef hij in 1889, dus nog tijdens Francks leven, maar werd uitgegeven in 1894. Mogelijk was de compositie van origine aan Franck opgedragen, maar moest dat bij de verschijning in druk gewijzigd worden in diens nagedachtenis. Het werk balanceert tussen de vorm van een Fantaisie en een Choral. Uit de hele compositie blijkt hoe goed Samuel Rousseau de stijl van zijn oud-leermeester in zich heeft opgenomen. Het ademt geheel de geest van Franck, niet alleen door de vorm, maar ook door de harmonische wendingen, de canons en het gebruik van twee hoofdthema’s die in de loop van het stuk met elkaar worden gecombineerd. De aanvang, met de unisono gespeelde melodie herinnert aan Francks Fantaisie en la. Ook het vervolg met repeterende akkoorden is door dat stuk geïnspireerd. Het koraalthema verschijnt, zoals bij Franck, pas in de loop van het stuk. Een mooiere hommage van zijn oud-leerling had Franck zich niet kunnen wensen.

César Franck schreef de oorspronkelijke versie van dit fraaie drieluik voor harmonium en piano in ca. 1865. Deze versie kunt u beluisteren tijdens het concert van 20 juni 2022. De veel bekendere orgelversie is dus een bewerking daarvan. Franck droeg die op aan Camille-Saint-Saëns. In de Prélude begeleidt een wiegend ritme in pedaal en linker hand de lyrische melodie van de Hobo. Na de afsluiting vormt een korte koraalachtige passage de overgang naar de klassiek vormgegeven fuga waarin de polyfonie soepel het thema omspeelt. Een lange pedaalnoot vormt de overgang naar de Variation, waarin, tot aan enkele maten voor het slot, een letterlijke herhaling van de melodie van de Prélude wordt begeleid door een beweeglijke begeleiding in de linker hand.

De blinde Joséphine Boulay was orgelleerling van Louis Lebel aan het Institution des jeunes aveugles in Parijs voordat ze ging studeren bij César Franck aan het Parijse conservatorium waar zij in 1888 als eerste vrouw een Premier Prix voor orgel behaalde. Daarna zette ze haar studies voort, voor contrapunt en fuga bij Jules Massenet (Second Prix in 1895) en voor compositie bij Gabriel Fauré (Premier Prix in 1897). Reeds tijdens haar conservatoriumtijd werkte ze als docente piano, orgel, compositie en harmonie aan het Nationale Blindeninstituut in Parijs. Dat bleef ze doen tot aan haar relatief vroegtijdige overlijden in 1925. Ze liet een klein, maar fijnzinnig oeuvre na.

De Prélude maakt deel uit van Trois Pièces. Hoewel dit stuk door de driedelige maatsoort en de registratie hier en daar aan het gelijknamige werk van Franck herinnert, heeft het een geheel eigen coloriet, dat balanceert tussen oriëntalisme en modaliteit. De componiste droeg het werk op aan haar leermeester Jules Massenet.

César Franck droeg de Grande Pièce symphonique op aan de excentrieke pianovirtuoos Charles-Valentin Alkan (1813-1888) voor wie hij grote bewondering koesterde. Het bijna een half uur durende werk vangt op melancholieke wijze aan met een inleiding waarop een kort, dalend, gesyncopeerd motief volgt dat in dit deel nog een paar keer terugkeert en dit deel ook afsluit, zij het licht gewijzigd. Die laatste versie van dit ogenschijnlijk onbelangrijke tussenspel zal dienen als thema voor van het fugato in het laatste deel, maar dan wel met een gewijzigde ritme. Daarna volgt het heroïsche hoofdthema van het eerste deel, eerst als pedaalsolo en in de doorwerking ook in de handen. Zoals gezegd sluit dit deel af met het voor het laatste deel zo belangrijke motief. Het tweede deel combineert een langzame beweging (Andante) met een ‘scherzo’. De registratie van het Andante is opmerkelijk: een solo van de Cromorne met als begeleiding grondstemmen en tongwerken van het Récit met gesloten crescendokast. Daarna volgt het ‘scherzo’, een soort perpetuum mobile op de tongwerken van het Récit. Na het slot hiervan keert het Andante weer terug, maar nu heel etherisch op de zwevende strijkers van Positif en Récit met in het verloop een canon. Vervolgens passeren als lange overgang alle voorbije thema’s nog een keer de revue waarna het heroïsche hoofdthema van het eerste deel breed juichend en in majeur klinkt op een lopende bas in het pedaal. Daarna start als laatste deel een heroïsch fugato dat uitmondt in een feestelijke fanfare.

Gegevens concert

Aanvang: maandag 9 mei 2022, 20:15 uur
Locatie: Kathedrale Basiliek St.-Bavo, Haarlem, Leidsevaart 146, 2014 HE Haarlem. Ingang aan het Bisschop Bottemanneplein
Toegang: gratis, vrijwillige bijdrage. Kosten € 10-15,– per persoon. Donaties: zie donateurspagina

maandag 3 augustus 2026, 00:26 maandag 3 augustus 2026, 00:26